Volg Klapstuk

dinsdag 8 april 2014

Tussenuur

Soms kun je om een of andere reden even niet verder met je werk. Opeens ben je zomaar klaar, heb je een uur vrij omdat niets heel dringend hoeft te gebeuren.
  Nu moet het lukken, denk je dan. Nú kan ik schrijven! En je hart maakt een sprongetje.

De verhalen in je hoofd schrikken wakker. Eén voor één openen ze hun ogen.
  Ergens in een hoekje ligt er eentje die wat meer haast heeft dan de rest. Ongedurig ritselend duwt hij iedereen opzij, terwijl hij onbesuisd naar voren stuift.


En je waarschuwt 'm nog: doe nou wat kalmer!
  Maar je weet hoe zijn avontuur afloopt. Want bijdehante verhalen worden niet geduld door rusteloos hunkerende andere vertellingen.


Dus met gesloten ogen kijk je toe hoe een zachtroze sprookje plots hevig sissend op het overmoedige verhaal duikt. Bijgestaan door een stoffige tragedie en een heuse roman duwt ze hem terug in de hoek.
  Het tumult wakkert de waakzaamheid van de overige ideeën aan.

Een fantasietje hitst de aanwezigen op door zichzelf op een levensgroot scherm te projecteren. Boegeroep en een fluitconcert doven hem uit voordat je hem naar je toe kan trekken.

Inmiddels loopt iedereen kriskras door elkaar, de één joelend en juichend, de ander tierend en krijsend.

Je zucht en opent teleurgesteld je ogen.
  In je hoofd is het onmiddellijk stil. Je weet dat de verhalen elkaar gespannen aankijken. Maar je hoofd vult zich onherroepelijk met dagelijkse beslommeringen en spoelt de verhalen moeiteloos aan de kant.

Schrijven doe je niet even in een tussenuur. Helaas.